Reacties op literatuur

Handboek media wijsheid
​Allereerst heb ik het handboek Mediawijsheid bekeken.
Ik herkende een hoop uit dit boek. In mijn eigen praktijk ben ik ook niet veel bezig met het uitproberen van digitale middelen op het gebied van media. Om dit te koppelen met een les Nederlands, moet er tijd voor vrijgemaakt worden. Ik ben zelf van mening dat het behoorlijk lang duurt voordat je iets nieuws kunt inzetten in je lessen. Andere leerkrachten bij mij op school zijn het daarmee eens. Je moet er tijd voor vrijmaken en veel tijd hebben de meeste docenten niet.
Daarnaast viel me op dat de tekst over mediacoaches praatte. Deze coaches heb ik op het P-college ook langs zien komen. Zij weten veel van bijvoorbeeld Magister, maar komen zelf niet uit het onderwijs. Ze kunnen ze naar mijn mening minder goed meeleven met de leerkrachten die zij wat moeten leren.
Er werden in de tekst verschillende eigenschappen van ‘online jongeren’ genoemd en hier herkende ik er enkelen in. Het presenteren van jezelf op internet is tegenwoordig echt iets waar leerlingen in mijn klas mee bezig zijn. Constant maken ze selfies en zijn ze bezig met zichzelf. Ik zie het ook vaak verschijnen op mijn eigen Facebook nieuwsberichtenlijst. Ook merk ik dat jongeren tegenwoordig geen zin hebben in het schrijven van lange teksten. Alles gebeurt in telegramstijl en ik merk dit tijdens mijn lessen Nederlands ook.
Op mijn school zijn leerlingen vaak bezig aan school door het internet te gebruiken. Ze gebruiken bijvoorbeeld wrts.nl om woordjes te leren. Zelfs een mobiele app hebben ze hiervoor, om hetzelfde doel te bereiken. Het komt ook regelmatig voor dat leerlingen presentaties moeten voorbereiden. Ze gebruiken dan vaak digitale hulpmiddelen als Youtubefilmpjes e.d. om hun PowerPoint mee op te vullen.
De leerlingen op het P-college krijgen computerles, maar dit gebeurt erg minimaal. Tegenwoordig zijn ze al gewend aan het maken van presentaties bijvoorbeeld, omdat ze dit op de basisschool al hebben moeten doen.
Ik herkende ook de docenten die beschreven werden in het handboek: de docenten die zelf ook iets van Social Media kennen. Er zijn namelijk een hoop collega’s die een Facebookaccount   hebben aangemaakt in de afgelopen tijd.
Ik geef les op een school waar leerlingen les krijgen vanaf een havoniveau. Op mijn school herken ik verhalen over naaktfoto’s via internet niet. Ik heb nog geen situatie meegekregen waarin iemand naaktfoto’s van zichzelf stuurde en hiermee in de problemen kwam.
Ook het fenomeen ‘Happy Slapping’ kwam me niet bekend voor. Daarnaast ken ik weinig leerkrachten die Social Media gebruiken in hun lessen. Er is wel een poëzieavond georganiseerd waarvoor leerlingen een Facebookpagina mochten aanmaken, maar dat is het enige voorbeeld dat ik heb.
Ik heb niet het gevoel dat docenten op het P-college leerlingen begeleiden met internetgebruik. Dit omdat ik niet denk dat veel collega’s zelf goed weten hoe een effectieve zoekactie gemaakt kan worden.
Er is ook geen beleid, waarvan ik weet, over contact met leerlingen via internet. Natuurlijk wordt er gemaild tussen leerkracht en leerling, maar het is aan de docent zelf of ze willen worden toegevoegd aan een groepswhatsapp van de mentorklas bijvoorbeeld. Ik zou hier zelf niet voor kiezen, maar wanneer andere docenten argumenten noemen als ‘op deze manier kan ik ze in de gaten houden en kan ik misverstanden of bijv. pestgedrag onderscheppen’. Zelf denk ik dat bijvoorbeeld pestgedrag via internet moeilijk tegen te houden valt.
Ik denk dat ik wel wat kan met het handboek, omdat ik me van veel onderdelen en problemen niet echt bewust was. Ik ben zelf nog een beginnend leerkracht en ben vooral bezig met het behouden van orde, het voorbereiden van de lesstof en het overdragen van de lesstof. Toch denk ik dat het goed is om leerlingen in de toekomst les te geven op het gebied van Social Media en het privacybeleid. Veel jongeren zullen hier namelijk niet altijd bij stil staan en zelf vind ik het ook interessant om me hierin te verdiepen.
Een les over online pesten lijkt me ook erg betekenisvol voor de leerlingen. Ik weet namelijk bijna zeker dat het herkenbaar voor hen zal zijn.
Het laten maken van een eigen game, lijkt me interessant om eens uit te proberen. Ik denk niet dat ze hier al ervaring mee hebben en het zal hen helpen om meer kennis over de computer en over internetgebruik te krijgen.

Zwanenberg, Z. & Pardoen, J. (2010) Handboek Mediawijsheid op School. Hoe worden kinderen mediawijs? Praktische gids en inspiratie voor het onderwijs. Verkregen op 15 mei 2014 van http://www.mijnkindonline.nl/uploads/Handboek%20Mediawijsheid%20versie%20website.pdf


'Einstein bestaat niet.'
Ook het artikel Einstein bestaat niet kwam aan de beurt.

Aangezien veel leerlingen, ook op mijn stageschool, veel bezig zijn met internet via mobieltjes, laptops, tablets, e.d. wil nog niet zeggen dat ze ook vaardig zijn. Ik herkende dit uit mijn eigen praktijk. Wanneer leerlingen zelf iets moeten opzoeken op internet bijvoorbeeld, krijgen ze regelmatig niets gevonden. Ik kreeg het allemaal wel gevonden. Leerlingen zijn niet zo goed in het scannen van informatie en het geven van goede zoekacties op Google.
Zo kom ik op het tweede herkenbaar punt: leerlingen lezen niet goed. Tijdens toetsen verbaas ik me hier steeds weer over. Ze maken dan verkeerde opdrachten of interpreteren opdrachten verkeerd. Op internet gebeurt dit ook. Ze willen meteen iets vinden en hebben geen zin om wat intensiever te lezen. Ze scannen overal overheen. Op internet is dat geschikter dan wanneer op school een tekst gelezen moet worden.
Ik weet dat veel leerlingen denken dat ze handiger zijn dan docenten die hen les geven. Bij de oudere generatie docenten is dit ook werkelijk zo, maar er zijn ook enkele leerkrachten die wel degelijk weten hoe het allemaal werkt op het internet. Leerlingen vinden zichzelf al gauw experts, terwijl ze wel degelijk ondersteuning nodig hebben.
Het onderzoek waarvan de resultaten in dit artikel gegeven werden, waren gedateerd. Ik herkende het resultaat m.b.t. het internetgebruik op telefoons niet. Leerlingen zijn juist erg veel op internet via hun telefoons tegenwoordig. In de resultaten bleek wat anders waar te zijn.
Ik vond het een goed idee om de leerlingen meer te leren over het internetten. Jongeren zijn niet altijd efficiënt bezig en daarom lijkt me het goed om ze alvast voor te bereiden op het uitvoeren van goede zoekacties bijvoorbeeld. Hier zullen ze in de toekomst veel profijt van hebben.
De resultaten van het onderzoek waren niet echt interessant voor mij, omdat veel uitslagen gedateerd waren. Ik denk dat ik zelf tot de middenmoot behoorde op dat moment en misschien nu nog steeds.
Het feit dat Facebook nog niet erg populair bleek tijdens het onderzoek, is nu zeker verandert. Hyves lijkt natuurlijk op Facebook, dus daar zou ik wel wat mee kunnen.
Het maken van een website voor leerlingen is niet echt interessant voor mij op dit moment. Als leerlingen zelf een website zouden maken, was dit een ander verhaal geweest.

Mijn kind online. (2010) Onderzoeksrapport over internetgedrag van jongeren: 'Einstein bestaat niet.' Verkregen op 15 mei 2014 via http://mijnkindonline.nl/sites/default/files/uploads/Rapport-Einstein-bestaat-niet%204%20okt%202010_0.pdf


'Mobieltjesbeleid op scholen ware chaos.'
Ook de literatuur over mobiele telefoons op school heb ik gelezen.
Er waren een aantal dingen herkenbaar voor mij. Op het P-college zitten een aantal docenten die wat meer van de oude stempel zijn. Zij hebben wel een mobieltje, maar hebben geen idee waar smartphones voor gebruikt kunnen worden. Daarom zijn veel oudere leerkrachten terughoudend wat betreft het gebruik van mobieltjes in de klas.
Daarnaast vond ik het herkenbaar dat vele scholen, volgens het artikel, nauwelijks tot geen afspraken hebben gemaakt over het gebruik van mobieltjes binnen de school of deze afspraken niet consequent handhaven. In het laatste herken ik mijn stageschool. Het is voor veel docenten wel duidelijk waar geen mobieltjes gebruikt mogen worden in het gebouw, maar er worden maar weinig mobieltjes ingenomen in de gangen, waar ze niet gezien mogen worden. Ik heb het gevoel dat veel docenten het ook bij de generatie vinden horen. Ze zijn van mening dat het inderdaad niet nodig is om leerlingen hun mobieltjes te laten gebruiken tijdens de les, maar in de gang is het voor veel leerkrachten geen probleem. De meningen verschillen en daardoor is het moeilijk om allemaal op één lijn te zitten.
Het verhaal over een docent die het onderwerp werd op een Hyves pagina viel me ook op. Er gaan namelijk ook foto’s rond van een docent op het P-college. Bij haar foto werd ‘grappige’ tekst geplaatst en deze foto’s werden doorgestuurd.
Ik las veel ervaringen van docenten die mobieltjes in de klas toelaten. Op mijn stageschool komt dit vrijwel nooit voor. Soms mogen leerlingen bij docenten wat dingen opzoeken op hun telefoon, maar meestal niet.
Het pesten van docenten door filmpjes of foto’s van hen te maken, komt me absoluut niet bekend voor. Ik heb er op tv wel wat over gehoord, maar ik denk dat het op mijn stageschool niet voorkomt. Wanneer leerlingen geen mobieltjes tevoorschijn mogen halen tijdens de les, lijkt me het lastig voor leerlingen om dit soort ongein uit te halen.
Er stonden handige tips in het artikel waar ik wel wat mee kan. Ik denk dat het slim is dat docenten met de tijd meegaan wat betreft telefoons. Wanneer zij weten hoe iets in elkaar steekt, zal het makkelijker zijn om de gadgets te integreren tijdens lessen.
Daarnaast vond ik het een slim plan om een deskundige te laten spreken tijdens een vergadering, omdat dit naar mijn weten nog niet gebeurd is. Zij kunnen vaak andere inzichten geven en zullen de leerkrachten tot één beleid kunnen helpen.
Het is vooral goed om het goede voorbeeld te geven. Ook leerkrachten mogen geen mobieltjes gebruiken in de klas, wanneer leerlingen dit niet mogen. Door leerlingen en ouders bij de afspraken te betrekken zal iedereen meer op één lijn liggen.

De Nationale Academie voor Media & Maatschappij (2011) Mobieltjesbeleid op scholen ware chaos. Samenvatting onderzoek ‘Mobieltjes op school.' Verkregen op 15 mei 2014 via http://www.mediaenmaatschappij.nl/images/stories/Samenvatting%20onderzoek%20'Mobieltjesbeleid%20op%20scholen%20ware%20chaos',%20mei%202011.pdf